Antartica - Atlantis

Warren concludeerde dat Onogorojima ("Eiland van de Gestolde Druppel") een eiland ergens in de buurt van de pool was. De centrale "dakpijler" stelde volgens hem de aardas voor. Op het eiland was een groot paleis gebouwd, een thema dat in de Atlantis-legende terugkeert. (Later schiep Izanagi nog andere eilanden, waaronder de acht hoofdeilanden van Japan.)
Maar waarom zouden deze mensen zich bij de onherbergzame pool hebben gevestigd? Warren antwoordde dat de aarde destijds veel warmer was, en dat haar temperatuur pas onlangs was afgekoeld. Binnenin de planeet werd warmte opgewekt die in combinatie met de oppervlaktetemperaturen de tropische, en zelfs de gematigde streken veel te warm maakte om leven in stand te kunnen houden.


Warren geloofde dat de "Navel van de Aarde" betrekking had op de aardas. Zijn kaart van de plaats van het verdwenen paradijs beeldt de aarde af gezien vanaf de noordpool.




Kaart 7: Dr. William Fairfield Warren lokaliseerde de mythologische "Navel van de Aarde" in de Noordelijke ljszee. Hij geloofde dat dit de plaats van het verdwenen eiland- paradijs was.


Als Warren zich niet zo op het noorden had,geconcentreerd en in plaats daar- van naar het zuiden had gekeken, zou hij hebben gezien dat Antarctica een veel natuurlijker locatie voor de "Navel van de Aarde" is, zoals wij kunnen zien op een kaart van de Amerikaanse marine van de wereld zoals die er van Antarctica gezien uitziet Antarctica ligt, evenals het mythologische vaderiand van de Okanagan, in het "midden van de oceaan".


Evenals het "Aztlan" van de Azteken is Antarctica "wit". Evenals Irans verdwenen paradijs is Antarctica bedekt "met een dikke laag ijs". En evenals het "eerste land" van de Japanse mythologie ligt het dicht bij een van de polen. Dit als laatste verkende continent zou heel goed het verdwenen eiland-paradijs van de wereldmythologie geweest kunnen zi)n.


Kaart 25a laat het deel van Antarctica zien dat buiten de zuidpoolcirkel lag toen Atlantis nog bestond. Meer dan de helft van het eiland-continent lag destijds onder het ijs. De stad zou daar niet te vinden zijn. En dus kan de speurtocht beperkt blijven tot Klein Antarctica.

Plato vertelt ons dat de stad dicht bij zee lag, lialverwege het continent waar dat op z'n langst is (kaart 25b) en tegenover de eilanden van Atlantis (kaart 25b). Ze was geheel door bergen omgeven en lag in een grote vlakte op een kleine heuvel. De Antarctische bergketen loopt langs de kust aan dezelfde kant als waar de kleine eilanden liggen (kaart 25c). De vlakte waar de grote stad vroeger vermoedelijk heeft gelegen, is op kaart 25d te zien.

Dat waren de geografische kenmerken van Atlantis volgens de geleerde Egyptische priester. Maar cultuur en beschaving van dit continent en zijn hoofdstad blijven een intrigerend raadsel. Hoewel Plato ons een paar tantaliserende details verstrekt, blijft het de taak van de moderne archeologie om leven op te graven uit het koude graf van de verdwenen stad. Het is naar de ijzige, donkere wateren van Antarctica dat we kijken om antwoorden te vinden aangaande de diepste wortels van de beschaving zelf, antwoorden die nog bewaard kunnen liggen in de bevroren diepten van het vergeten eiland-continent.