|
Okanagan Mythe
Atlantis verlaten door de laatste Goden

In 1886 vertelde de beroemde
Amerikaanse historicus Hubert Howe Bancroft (1832-1918) de Okanagan-mythe
van hun verdwenen eiland-paradijs "Samah-tumi-whoo-lah":
Lang, lang geleden, toen de zon nog jong was en niet groter dan
een ster, was er een ver afgelegen eiland midden in de oceaan.
feet werd Samah-tumi-whoo-lah genoemd, hetgeen Blanke-mensen-eiland
betekent. Daarop woonde een ras van reuzen - blanke reuzen. Hun
heerser was een grote blanke vrouw die Scomalt beetle... Ze kon
scheppen wat zij wilde.
Vele jaren lang leefden de blanke reuzen in vrede, maar ten slotte
ontstonden er onderlinge twisten. De ruzies liepen op oorlog
uit. Er liet zich strijdrumoer horen en veel mensen werden gedood.
Scomalt werd hier heel, heel boos over... ze dreef de boze reuzen
naar 66n kant van Blanke-mensen-
eitand. Toen zij op een plaats verzameld waren, brak zij dat
deel van het land af en duwde het in zee. Vele dagen lang zwalkte
het drijvende eiland over het water, ten prooi aan gotven en
wind. Al de merisen crop kwamen om, op 66n man en een vrouw na...
'
Toen zij zagen dat hun eiland op het punt stond te zinken, bouwden
zij een kano [en] ... na vele dagen en nachten te zijn voortgepeddeld,
kwamen zij bij een paar eilanden. Zij koersten daartussen door
en bereikten ten slotte het vasteland.
Sommige archeologen dateren de komst van de Haida op de Koningin
Charlotte-eilanden in een tijd bijna 12.000 jaar geleden. De
Haida geloofden dat hun voorouders v66r de zondvloed in een prachtige
stad in een ver land woonden:
... het grote opperhoofd van de hemel... besloot deze grote
stad te straffen... hij liet het water van de rivieren stijgen.
Weldra begonnen de rivieren en beken overal in het land te wassen.
Sommige mensen zochten hun toevlucht in de heuvels, terwijl anderen
aan boord van hun grote kano's gingen. Nog steeds kwam het water
hoger en hoger, totdat alleen de hoge bergtoppen nog boven het
hoogstaande water uitstaken... [de voorouders van de Haida landden
op een bergtop]... Toen de zondvloed voorbij was@ werden daar
de verdwenen stenen ankers gevonden, op de plaats waar zij hun
kano's voor anker hadden gelegd.
|